Fotografie tips

De FDL flitstechniek om auto’s te fotograferen

De FDL techniek is een belichtingstechniek die ontwikkeld is door de Zuid-Afrikaanse autofotograaf Sarel van Staden. FDL staat voor Focussed Difused Lighting en is een flitstechniek waarbij het flitslicht heel zacht wordt gemaakt waardoor details heel mooi worden uitgelicht. In Nederland houdt autofotograaf Thomas Boudewijn zich ook veel met deze techniek bezig. Het is een moeilijke techniek om te leren en vereist veel, heel veel oefening en experimenteren.

Voor deze techniek kun je gewoon een speedlight flitser (reportageflitser) gebruiken die je draadloos aanstuurt. Om het licht zacht te maken moet je een softbox, beauty dish of iets dergelijks gebruiken. Vaak in combinatie met andere lichtvormers om het licht echt zacht te maken. Thomas Boudewijn gebruikt onder andere een beauty dish waarop hij een melk witte perspex plaat heeft gemonteerd. Om het licht nog zachter te maken gebruikt hij ook nog eens een extra diffuser panel. De flitser plaats je zo dicht mogelijk bij het onderwerp en stel je in op vol vermogen. Door je ISO zo laag mogelijk in te stellen en je sluitertijd op 1/250 sec in te stellen (denk aan de maximale flitssynchronisatie tijd van je camera!) wordt je achtergrond zwart. Zelfs als je midden op de dag fotografeert. In veel gevallen is het eind resultaat een foto die is samengesteld uit meerdere foto's met meerdere belichtingen.

Introductie in de FDL techniek

Ook ik heb een poging gedaan om de FDL techniek te gebruiken. Ik heb hiervoor een paar schaalmodellen van een Ferrari gebruikt. Mijn flitser heb ik op een statief geplaatst met een softbox om het licht zachter te maken. De schaalmodellen staan op een speciale opname tafel waarop ik zwart papier heb geklemd. De flitser is ingesteld op vol vermogen en werd draadloos aangestuurd. Het resultaat was uiteindelijk nog niet naar wens omdat ik het licht niet zacht genoeg vind. Omdat ik alleen een softbox heb gebruikt werd het licht niet zacht genoeg dus ik moet op zoek naar een manier om het licht nog zachter te maken.

De foto's zijn nabewerkt in Darktable en Gimp.


Mijn opstelling

 

Onderstaand het resultaat van mijn eerste poging.


EXIF: Diafragma F20 | Sluitertijd 1/250sec. | ISO 100 | Brandpuntafstand 122mm

 


EXIF: Diafragma F20 | Sluitertijd 1/80sec. | ISO 100 | Brandpuntafstand 122mm

 


EXIF: Diafragma F20 | Sluitertijd 1/250sec. | ISO 100 | Brandpuntafstand 122mm

 


EXIF: Diafragma F20 | Sluitertijd 1/250sec. | ISO 100 | Brandpuntafstand 122mm

 

Er is nog maar weinig informatie over deze techniek te vinden maar onderstaande pagina's helpen je wellicht verder.

 

Fotografie tips

Snelheid vastleggen met de panning techniek

Met de panning techniek (ook wel meetrekken genoemd) kun je snelheid in je foto's vastleggen. Het idee van de panning techniek is dat je een lagere sluitertijd gebruikt en je de camera mee beweegt met je onderwerp. Je onderwerp wordt dan scherp afgebeeld terwijl de achtergrond vervaagd. De panning techniek wordt veel gebruikt in auto- en motorsportfotografie maar kun je natuurlijk ook in andere typen fotografie toepassen. Het is een lastige techniek en een die veel oefening vereist. Maar als je goed weet te doen dan levert de panning techniek erg gave foto's op.

Hoe ga je te werk bij de panning techniek? Ik geef je een paar tips.

Sluitertijd, diafragma en ISO

De panning techniek staat of valt met de juiste sluitertijd. Om het juiste snelheidseffect in je foto's te krijgen moet je een langere sluitertijd gebruiken. Hoe langzamer je onderwerp beweegt hoe langer je sluitertijd moet zijn. Een handige richtlijn hierbij is dat de snelheid van je onderwerp gelijk is aan je sluitertijd. Beweegt je onderwerp met 60 km/u dan stel je, je sluitertijd in op 1/60s. Zelf begin ik vaak bij het fotograferen van autosport met een sluitertijd van 1/125s en verlaag die dan in stapjes tot ik op 1/30s zit. Langere sluitertijden gebruik ik eigenlijk bijna nooit. Het is vooral een kwestie van oefenen en experimenteren.

Je diafragma en ISO instellingen zijn minder belangrijk voor het snelheidseffect. Maar je hebt ze wel nodig voor een correcte belichting van je foto's. Ik stel mijn camera bij het fotograferen van autosport altijd in op sluitertijd voorkeuze. Mijn ISO stel ik meestal in op 200 ISO. Het diafragma laat ik aan mijn camera over.

Overige camera instellingen

Naast de juiste instellingen voor sluitertijd, diafragma en ISO zijn nog een paar instellingen belangrijk

  • Stel je camera in op "burstmode" zodat je meerdere beelden per seconde kunt schieten.
  • Stel je autofocus in op "continu focus" zodat je camera blijft scherpstellen terwijl je, je onderwerp volgt en fotografeert.
  • Ze je beeldstabilisatie uit. Normaal gesproken zorgt beeldstabilisatie voor het corrigeren van beweging en tijdens het pannen (meetrekken) werkt dat tegen. Sommige objectieven hebben horizontale en verticale beeldstabilisatie waarbij je horizontale beeldstabilisatie uit kunt zetten terwijl de verticale beeldstabilisatie aan blijft staan. Dan kun je volstaan om alleen de verticale beeldstabilisatie uit te zetten. Persoonlijk zet ik mijn beeldstabilisatie altijd helemaal uit.

Stabiele houding

Voor de panning techniek is het belangrijk dat je stabiel staat. Zet je benen wijd neer en houdt je ellebogen tegen je lichaam. Plaats je hand onder de lens en beweeg met je heupen mee met het onderwerp. Volg je onderwerp met één vloeiende beweging, druk de ontspanknop in en nadat je klaar bent maak je, je meetrek beweging af. Probeer uit te ademen als je de foto's maakt en met je onderwerp mee beweegt.

Je kunt eventueel ook een monopod (één been statief) gebruiken. Een monopod kan je wat meer stabiliteit in je beweging geven.

Hieronder nog een aantal voorbeelden van panning foto's die ik gemaakt heb.